Zien lezen doet lezen

Ik weet niet hoe het met jullie zit, maar hier pakken we (helaas) toch vrij snel uit automatisme onze telefoon van de kast of uit onze broekzak. En dat resulteert in kinderen die ook graag op een telefoon willen koekeloeren en swipen. Ze doen hun papa en mama nou eenmaal graag na.

Dat ik-wil-graag-op-mijn-papa-of-mama-lijken-gedrag kun je ook op andere (positieve) manieren inzetten. Wil je dat je kinderen gezond eten? Laat dan zien dat je zelf ook met plezier gezond eet. Dat geeft ze vast een zetje in de goede richting 🙂 En zo werkt het ook met lezen (mits je het zelf natuurlijk leuk vindt).

Ik vind lezen leuk. Toen ik heel klein was verslond ik al boeken. Iedere week werd de maximale hoeveelheid boeken bij de bibliotheek geleend. Voordat er kinderen waren las ik in het weekend graag een boek. Dan kon ik me op de bank terugtrekken in m’n eigen wereld en hoorde ik niets meer totdat het boek uit was. Toen de kinderen kwamen daalde het aantal gelezen letters per dag snel. Ik had natuurlijk minder tijd, maar ook echt minder concentratie. Te wijten aan slaapgebrek en hormonen. Met diepgaande boeken heb ik nog steeds wat moeite, maar ik heb nooit niet gelezen. Tijdschriften en chicklits (guilty pleasure) dat lukte altijd wel. En dus hebben dreumes en peuter regelmatig een lezende mama gezien.

Ik mag graag spelen met de kinderen (naast lezen mag ik ook graag knutselen, bouwen, zingen en dansen – en dat komt dreumes en peuter natuurlijk goed uit), maar ik probeer ook iedere dag wel een moment voor mezelf te pakken en zelf te lezen. Als dreumes na het middageten slaapt dan lees ik vaak samen met peuter. Eerst samen, daarna allebei een eigen boek. Hij is trouwens erg geïnteresseerd in mijn boeken. Eerst vond hij het jammer dat er geen plaatjes in stonden, nu gaat hij ‘zelf’ lezen. Dan wijst hij woordjes of letters aan en noemt dan willekeurige woorden of (mede)klinkers. Zo aandoenlijk 🙂

Onze kinderen zien mij (maar ook man) iedere dag wel even lezen. Dat doen we niet met het doel om ze te laten lezen (we doen het voor onze eigen ontspanning), maar het draagt er wel aan bij. Zien lezen doet lezen!

Vast ritueel – iedere dag lezen

Voor het slapen gaan hebben we hier een vast ritueel. De onderdelen liggen (zo goed als) vast, maar de lengte van het ritueel varieert: we hebben toch te maken met een peuter die de techniek van het tijdrekken tot in de puntjes beheerst.

Onze kinderen – en vast (of hopelijk) meer kinderen – stuiteren aan het eind van de dag. Ze rennen door het huis, achter elkaar aan, spelen pakkertje of maken een klimparcours. Aan het eind van de dag zijn ze ook heel moe en is de coördinatie iets minder… Meestal kun je wachten op een botsing of valpartij. Waarschuwen dat ze moeten oppassen komt niet echt aan. Aan het eind van de dag komen goedbedoelde boodschappen nou eenmaal minder goed binnen, mama’s zijn altijd zo bezorgd én dan is die ongeschreven regel, ‘pick your battles’, er ook nog. Vanzelfsprekend houden we de veiligheid in de gaten hoor. Rennen door het huis? Ach doe maar. Springen op de tafel? Nee. Dat is dus zo’n battle die we wel aangaan 🙂

Afijn, ons ritueel start op de bank. Filmpje 1 op tv, beide een kind op schoot, dreumes een papfles en peuter een kopje jasmijnthee. De rust keert dan vaak al gauw terug. Bij filmpje 2 worden tanden gepoetst, pampers verschoond en pyjama’s aangetrokken. Daarna vertrekken we naar boven. Op ons grote bed lezen we samen een boek. Soms met z’n drieën of vieren één boek, soms in duo’s twee boeken. Dreumes en peuter kiezen zelf wat ze willen lezen. Daarna geven we op de overloop een familieknuffel en brengen we allebei één kind op bed. Bij het bed zingen we drie liedjes (naar keuze) en na één/meerdere knuffels gaan beide kerels slapen.

Dit vaste ritueel zijn we bij beide kinderen al enorm vroeg gestart, zo rond de 10-12 weken oud. Uiteraard duurde het toen een stuk korter dan nu, maar een boek lezen is iedere avond vaste prik. Ook als we een keer later thuis zijn, wordt het ritueel geheel doorlopen. Wellicht iets sneller, maar de prentenboeken gaan altijd open.

Zo hebben wij iedere dag sowieso één vast moment waarop we lezen en komen onze doerakjes iedere dag met boeken in aanraking.

Lezen is voor alle leeftijden

Jong geleerd is oud gedaan

Als kraamcadeautje geef ik vaak een prentenboek (mits ik na verzoek om wensen de vrijbrief krijg om zelf iets te kiezen – lijstjes volg ik uiteraard met plezier op).

Ik vind prentenboeken zo prachtig en kies met zorg (én plezier) een mooi exemplaar uit. Het is wel eens voorgekomen dat ik een boek gaf en als reactie terugkreeg: ‘Wat leuk, dat kunnen we over een paar maanden mooi voorlezen!’. Dan komt er uiteraard geen belerende opmerking van mij waarin ik het tegendeel beweer – iedereen moet lekker zelf doen wat hij wil of waar hij zich prettig bij voelt – maar dan denk ik wel: je hoeft echt niet zo lang te wachten.

En dus de tip (en die is niet bemoeizuchtig bedoeld):
Lezen is voor alle leeftijden en je kunt niet vroeg genoeg beginnen!

Onze kinderen friemelden en frunnikten uiteraard eerst ook aan knisperboekjes en kauwden in een volgend stadium aan de kartonnen varianten. En we lieten ze. Een boek dien je vanuit alle hoeken en vanuit diverse belevingen te ervaren 🙂

Naast dat ze lekker zelf hun gang gingen, lazen we ook vaak voor. Beide jongens vonden en vinden het heerlijk om gezellig op schoot te zitten en een boek te lezen. Ze plukken zelf hun boek uit de kast en zetelen zich (letterlijk) in mijn kleermakerszit. Twee broertjes tegelijkertijd voorlezen blijft moeilijk gaan. Ze willen geen compromis sluiten en beide op één been zitten – een kleermakerszitzetel zit uiteraard in je uppie het lekkerst – en dus wordt er gedurende het verhaal soms wat gewurmd (of geduwd en getrokken). De regel is nu vaak: de één op schoot, de ander ernaast (met uiteraard ook knus een arm om kind 2 heen) en bij een volgend boek wisselen. 

Het meest ingewikkeld is duo-lezen: als beide kinderen een ander boek willen lezen en ook daarin geen concessies willen doen. Dan heb je twee wiebelende kinderen op beide benen met twee boeken – die af en toe botsen – en word je geacht afwisselend bij beide kinderen zinnen voor te lezen én adequaat te reageren op hun vragen (zo niet dan wordt er uiteraard gepord of met stemverhef om gevraagd). 

Lezen doen we hier al van jongs af aan en van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat. Niet omdat het moet, maar omdat het leuk is 🙂

Boeken binnen handbereik

Een inkoppertje misschien, maar hier waren we het even vergeten. Vanaf peuter één (bijna 3 jaar) zijn geboorte lagen er (stapels) kinderboeken in de kamer. Aan het eind van de dag hadden we een boekenslagveld. Toen kwam peuter twee (bijna 2 jaar) en ging die strategie nog best een tijd goed. Tot peuter twee besloot om als vroege vogel met twaalf maanden te gaan lopen. Twee peuters die de kamer doorploegden werd een iets te grote chaos. Dus kwam er een grote speelgoedkast, en werden alle boeken tezamen met het speelgoed in een kast met deurtjes weggemoffeld. Stond mooi opgeruimd.

Als ik eraan terug denk, gingen we toen langzaamaan steeds minder (voor)lezen. Niet dat we helemaal niet meer lazen, maar het aantal (voor)gelezen boeken per dag nam wel af. Tot afgelopen week. Toen werd peuter twee zijn kamer grotendeels omgebouwd van baby- tot peuterkamer (alleen het bed moet nog – fingers crossed dat er goed geslapen gaat worden). Peuter kreeg ook een nieuwe boekenkast. De oude boekenkast ging de kamer uit en schreeuwde om een nieuw plekje. In de woonkamer paste hij mooi!

Onderin de kast zijn drie plankjes met boeken voor de kinderen. Daarboven een plankje met fotoboeken (bekijken we die ook weer wat vaker) en helemaal bovenaan twee plankjes met boeken die man en ik nog wil lezen. Nu de boeken weer de hele dag binnen handbereik liggen en opvallen, wordt er weer aanzienlijk meer met boeken gezeuld.

Een vrij simpele tip, maar boeken in het zicht en voor het grijpen helpt echt!